0
Michael Moore – Brieven van het front

Linkse Scientology
Laat de naam ‘Michael Moore’ vallen op een feestje en je brengt spoedig de rest van de avond eenzaam in een hoekje door, gebrandmerkt als een ketter uit de enige kerk meer omstreden als de Scientology-kerk, de Linkse Kerk. Befaamd vanwege zijn politieke voorkeur en afkeer van rechtse machtswellustelingen en vadsige graaiers, maakt hij omstreden documentaires en tv-shows. Dat hij deze uiterst creatief in elkaar weet te draaien – waardoor mensen plotseling een documentaire in de bioscoop kijken in plaats van Discovery Channel ver na twaalven – wordt gemakshalve vergeten. De Oscar-commissie vergat dit niet, en hij mocht zowaar een Oscar in ontvangst nemen. Uiteraard niet zonder een klein politiek anti-Bush statement, waarna politiek correcte angsthazen over elkaar heen buitelden om meteen het geluid weg te draaien en reclame in te zetten.
Brieven van het front
Het leverde niet alleen een relletje rondom de Oscars, maar Michael ook veel brieven en emails op. Echter ook uit onverwachte hoek, het front. Dat er steunbetuigingen zouden zijn van stinkend krakerstuig en blowende hippies was te verwachten, maar steun van de mannen en vrouwen die zonder enige tegenspraak de orders van hun president uitvoeren, is op zijn minst opmerkelijk. Om deze reden bundelde hij een kleine selectie van de brieven in dit boek, in vier categorieën: brieven uit Irak, van soldaten elders in de wereld, van veteranen en het thuisfront. Het boek opent met een onschuldige brief van een soldaat aan zijn moeder. Hij beklaagt zich dat het vanuit de woestijn op het kamp niet mogelijk blijkt om gewoon naar huis te bellen en dat hij niets begrijpt van het doel van de oorlog. Hij mist iedereen. Het zouden zijn laatste geschreven woorden zijn, sergeant Pedersen blijkt de tijdens gevechtsschermutselingen omgekomen zoon van Lila Lipscomb, de vrouw die uitgebreid wordt gevolgd in Fahrenheit 9/11.
Slik…
Kreeg je tijdens die film al niet een brok in de keel na haar schrijnende persoonlijke verhaal, dan doet deze bundel brieven het wel. De brieven vormen een tsunami aan emoties. Woede, wanhoop, verdriet en teleurstelling voeren de boventoon in de meeste verhalen. De mannen en vrouwen verbazen zich over de karige voorzieningen, zoals een gebrek aan munitie of de juiste bepantsering terwijl er geld genoeg is voor particuliere bedrijven. Dat ze de oorlog niet begrijpen, omdat Irak en Afghanistan geen directe bedreigingen vormen voor de VS, waarom moeten ze hun leven op het spel zetten? Men is teleurgesteld dat ze er slechts de boel platgooien, en dat er geen plan is hoe het land op te bouwen na de overwinning. In de Tweede Wereld Oorlog hadden we toch ook een Marshall-plan?, vraagt één briefschrijver zich terecht af. Een ander begrijpt niet waarom 200 vrachtwagens olie per dag een gewapende escorte hebben. Of waarom beveiligingsmensen van Halliburton (waar Cheney in het bestuur zat) 4x zoveel verdienen met hetzelfde werk. De meest treurige verhalen komen uit de reservisten-hoek. In de VS zijn recruteringsofficieren van het leger dag en nacht in touw mensen te werven. Onder het motto ‘Verdien 35.000 dollar voor je studie!’ worden ze gelokt om te tekenen. Natuurlijk zouden ze nooooooit worden uitgezonden, en hooguit gevraagd worden wat zandzakken te stapelen tijdens Katrina of iets dergelijks. Niets bleek minder waar, waarna verschillende van hen twee jaar lang minstens gezin en familie niet meer zagen.
Bah! Verkiezingspropaganda!
Natuurlijk kun je het boek simpelweg afdoen met de minachtende constatering dat Michael Moore wel een lekkere selectie van brieven zal hebben gemaakt om zijn anti-oorlogsgeluid te steunen. Inderdaad publiceert hij niet de afkeurende Republikeinse brieven en mailtjes, maar alleen de kritische geluiden vanuit het leger en hun familieleden, en meer nog op zijn website overigens. Toch werkt het niet storend omdat vanaf het begin af aan Michael duidelijk maakt dat dit boek geen weloverwogen en evenwichtig beeld schept van hoe er in het leger gedacht wordt over Bush. Maar wie de moeite neemt zich door de ‘Beste Michael’s’-gevolgd door vele loftuitingen vanwege Fahrenheit 9/11- te worstelen, leert dat zelfs binnen het Amerikaanse leger medelijden bestaat met de Iraakse bevolking. Dat niet alle militairen puppies in een ravijn donderen of lachend op de foto poseren voor een berg naakte gevangen. De meest opmerkelijk boodschap blijft dat onder de gelederen nog altijd mensen tegen de oorlog zijn, al blijkt eveneens dat het niet gewaardeerd wordt dat je ervoor uitkomt door je maatjes en je nog altijd in een fors isolement kunt belanden bij het uitspreken van je twijfel. Maar dat er twijfel bestaat in het hart van onvoorwaardelijk Amerikaans pattriotisme, is op zijn minst een lichte openbaring. En hoewel het boek rondom verkiezingstijd uitkwam en als propaganda-materiaal wordt betiteld, is het nu, vijf jaar en een president verder, nog altijd actueel. Met name vanwege het hoofdpunt: een president mag slechts zijn troepen vragen hun levens in de waagschaal te stellen wanneer het écht niet anders meer kan en het land direct in gevaar is. Niet om wat oliebronnen veilig te stellen of ander persoonlijk gewin. Tegen die laatste argumenten voor het voeren van oorlog vormt deze bundel brieven een krachtig tegengeluid.
Piraterij?
Onbedoeld liet Michael me zijdelings nog over een actuele kwestie nadenken. Eén die niets met de oorlog te maken heeft. Of in ieder geval met een andere oorlog, de oorlog tegen de piraterij. Trekt stichting Brein onder het trotse banier van oppermaarschalk Kuik ten strijde tegen downloadende dieven en andere terroristen, dit boek deed me weer eens afvragen wat het doel daarvan is. Niet alleen omdat het een bij voorbaat verloren strijd betreft tegen de techniek, maar vooral omdat de slagvelden betreden worden met de krampachtige slogan: ‘je schaadt artiest en/of platenmaatschappij’. Veel briefschrijvers melden Michael dat zij onlangs Fahrenheit 9/11 zagen op frequent circulerende illegale kopietjes. Eén briefschrijver belooft uit schuldgevoel plechtig bij terugkomst honderd bioscoopkaartjes te kopen en deze gratis uit te delen zodat mensen de film kunnen gaan zien. De meerderheid met een meer realistische blik belooft de dvd alsnog te kopen bij terugkomst in de VS. Er is dankzij het downloaden ruimte om meer te consumeren, maar wat het publiek écht goed vindt, koopt het toch wel. De techniek stelt simpelweg in staat een betere keuze te maken, rommel links te laten liggen en juist alleen die dvd’s te kopen die je werkelijk goed vond. Bovendien toont het boek aan dat zelfs in de meest gecontroleerde en beveiligde afgelegen leefgemeenschappen als legerbases in Irak of Afghanistan piraterij nog altijd grif een ingang weet te vinden. Het geeft te denken, zoals dit boek hoofdzakelijk het vraagteken rondom het werkelijke doel van de recentelijke campagnes in Irak en Afghanistan ook alleen maar verder vergrootte.
Voor de liefhebbers, de gewraakte speech:
http://www.americanrhetoric.com/speeches/michaelmooreoscaracceptance.htm










