0
Een avondje… Blaxploitation
Als actieve filmfreak vraag ik mezelf na elke kijkbeurt af ‘is dit iets voor een Dorkside recensie?’. Misschien is er over een individuele film niet zo veel te melden, maar pak er meer soortgelijke werkjes bij en je hebt ineens genoeg materiaal om doelloos over te kunnen zwammen. Zo ook met een aantal producties uit het Blaxploitation genre. Ik wist bij aanvang slechts vaagjes wat de rode draad in dat soort films was: rebellie tegen de heersende orde, een andere kijk op racisme, wapens, funky soundtracks en badass antihelden die regelmatig vrouwen aan de haak slaan. De socio-politieke achtergrond en de ontstaansgeschiedenis van het genre laat ik even terzijde, die meuk is beter onderbouwd op Wikipedia te lezen. Nee, de films mogen voor zichzelf spreken. Dames en heren, bereid u voor op een avondje… Blaxploitation.
Sweet Sweetback’s Baadasssss Song (1971)

Deze onafhankelijk geproduceerde film kan gezien worden als de eerste ‘echte’ uit het Blaxploitation genre. De hoofdrol is voor Melvin van Peebles, die ook regie, muziek, script en productie op zich nam omdat niemand zijn verhaal over “a brother getting the Man’s foot out of his ass” wilde financieren.
Ook al werd deze film een gigantische hit, dan nog is deze tegenwoordig eerder interessant vanuit een historisch perspectief dan als 90 minuten entertainment. ‘Sweetback…’ oogt namelijk rommelig, random en heeft ook nog eens wat dubieuze elementen. Melvin’s zoon speelt de jonge Sweetback die in de openingsminuten door een prostituee wordt ontmaagd, een scène die oncomfortabel lang doorgaat. Hrm, moest dat nou? Het verhaal over hoe Sweetback op de vlucht raakt voor de politie omdat hij een Black Panther die wordt afgetuigd te hulp schiet is simpel en gaat niet meer kanten op dan rennen, onderduiken, doorrennen. Toch worden er een hoop thema’s aangesneden die op dat moment voor het eerst op een bioscoopscherm te zien waren, en het is niet gek dat de film daarom ook insloeg als een bom.
Het is wat mij betreft boeiender om over de film te lezen dan deze werkelijk te zien. Zo waren de sex-scènes met de volwassen Sweetback blijkbaar écht (en hield de man er nog gonorroe aan over ook), opnames met Hells Angels liepen bijna uit op een schietpartij, en door gebrek aan een stuntman mocht Peebles zelf tot 9 keer toe van een brug springen om een bepaald shot goed te krijgen.
Alleen interessant voor mensen die echt het prille begin van het genre willen ervaren, voordat het voornamelijk ging draaien om pooiers en guns, maar erg veel plezier zul je hier niet uit halen vermoed ik.
“I’m gonna say a black Ave Maria for you. Like the kids say, “later for waiting.” You saved a plant that they were planning to pick in the bud. That’s why the Man’s down on you. That’s why the Man’s down on you.”
Shaft (1971)

Hollywood was ook niet helemaal gek, het succes van Sweet Sweetback gaf een niet te negeren signaal en datzelfde jaar nog kwam Shaft uit. In eerste instantie zou een blanke acteur de hoofdrol vervullen, maar dit werd uiteindelijk Richard Roundtree, die met zijn charismatische badassheid een van de bekendste Blaxploitation personages ooit neer zou zetten.
Wat opvalt is dat de film vrij ‘clean’ voelt. Dit verraste me, zeker omdat Shaft toch wel dé Blaxploitation naam is en je dus verwacht bepaalde dingen hier terug te vinden; een mix van sleazy, cool en gewelddadig. Nah goed, cool is Shaft zeker wel. Roundtree is een geweldige keuze voor de hoofdrol en hij is tegelijk ook weer geen onkwetsbare überdude die met 6 kogels hele hordes baddies over de kling jaagt. Hij heeft succes bij de dames (al wordt het nergens echt ondeugend) en heeft niet al te veel problemen met het trekken van zijn wapen. Alle ingrediënten lijken er te zijn, maar het grootste nadeel is dat ze vrij mat zijn en dat de film nergens echt piekt. Het vermakelijkste moment komt al vrij vroeg, wanneer iemand zonder pardon uit een raam gekieperd wordt, en dat hilarische niveau wordt daarna nergens meer benaderd. De climax heeft weinig verrassingen en het geheel eindigt daardoor niet al te spectaculair.
Is Shaft een slechte film dan? Nou, dat ook weer niet. Maar het voelt voornamelijk als een ‘gewone’ film met een Blaxploitation-sausje. De vele scènes waarin Roundtree door de straten van New York struint zijn dan weer erg fijn, gewoon omdat het tijdsbeeld er zo mooi mee wordt neergezet. De soundtrack is best in orde, met die instant klassieke themesong van Isaac Hayes natuurlijk als keiharde topper.
“Don’t let your mouth get your ass in trouble.”
Coffy (1973)

Ik zal vast niet de enige zijn die Pam Grier voor het eerst leerde kennen in Tarantino’s film Jackie Brown. Deze dame maakte het scherm in de jaren 70 al onveilig, en was een van de eerste vrouwelijke actieheldinnen. Ze is dan ook vrij badass waar nodig, en wat opvalt is ook dat ze een van de weinige echt nobele blaxploitation personages in deze lijst zal zijn.
Coffy is een zuster die in haar vrije tijd kinderen in een rehabilitatiecentrum begeleidt. Als haar zus door overmatig drugsgebruik in de problemen raakt is de maat vol; hoog tijd om de verantwoordelijken aan te pakken. Met shotgun blasts to the face. Het gave aan Coffy is dat ze geen over the top bikkel (bikkelin?) is. Als ze twee gasten bruut afmaakt dan is ze daarna wel even overstuur. Maar haar missie gaat boven alles, en uiteindelijk weet ze zich onder een hilarische alias als Jamaicaanse high-class prostituee een weg naar de top te.. euh.. werken. En terecht, want Pam Grier op haar fysieke top is zeker niet verkeerd. Haar voluptueuze acteertalenten komen opvallend vaak voor de dag, en het hilarische hoogtepunt is toch wel een catfight op een feest waarin Coffy alle aanwezige escortdames in elkaar beukt waarbij elk topje ook verdwijnt of open wordt gescheurd. Best fight scene, like, ever. Je zou denken dat in een film met een vrouwelijke hoofdrol het feministische aspect wat belangrijker zou zijn, maar Coffy heeft het grootste aantal ontklede vrouwen van alle producties in deze review.
Wat dan wel weer opvalt is hoe alle mannen afgeschilderd worden als smeerlappen en profiteurs. Pooiers, criminelen, corrupte agenten, the list goes on. De coolste bijrol is Sid Haig als creepy gangster, die misschien bekender is als de nare clown Captain Spaulding uit enkele Rob Zombie films.
Coffy is best vermakelijk: kleurrijke personages, verre-van-functioneel naakt, een paar spannende confrontaties en een bevredigend einde waarin alle smeerlappen krijgen wat ze verdienen. Het is geen high art, maar dat probeert het ook niet te zijn. Gelukkig maar.
“You gonna fly through them pearly gates with the biggest fucking smile St. Peter ever seen!”
Truck Turner (1974)

Als ik iemand één film in dit genre aan zou moeten raden is het zonder twijfel Truck Turner. Het neemt zichzelf nergens echt serieus, pakt de meest typische Blaxploitation elementen, mixt die bij elkaar en brouwt daar een over-the-top gerecht mee vol pooiers, assassins en funky sleaze. Gek genoeg ook in eerste instantie bedoeld voor een blanke acteur.
Truck Turner is entertainment van de bovenste plank. De cast is sowieso al fantastisch: Isaac Hayes als bounty hunter, Yaphet Kotto als gevaarlijke pooier en Nichelle ‘Uhura’ Nichols als taaie hoerenmadam? Dat is al een onverslaanbare combinatie. Het is op z’n minst een.. aparte ervaring om Nichelle Nichols in een verleidelijke outfit dialoog als “I haven’t had to sell my pussy since I was fifteen and found out I could sell other bitches’ instead” te zien ophoesten. Geweldig.
Gelukkig is er ook genoeg leuks in het plot voor deze types om zich mee uit te leven. Hayes is Truck Turner, een beruchte badass die criminelen opspoort en inrekent als de beloning hoog genoeg is. Als hij gedurende zijn werk een vluchtende pooier omlegt, komt de hele pimp-community in actie om Turner om te leggen. Wat volgt zijn autoachtervolgingen, een buslading assassins en bizar gekleedde pooiers, en een perfecte soundtrack die verzorgd is door Hayes himself.
De film heeft een degelijk tempo, een rits aan fantastische quotes, Hayes is vermakelijk om in actie te zien en er zijn af en toe zelfs wat interessante cameratrucjes. Over the top? Oh zeker. Een kijkje waard? Hell yeah!
“Anybody ask you what happened, tell ‘em you been hit by a truck: Mac ‘Truck’ Turner!”
Dolemite (1975)

Het kunnen niet allemaal toppertjes zijn. Dolemite valt namelijk op door de vreeeeselijke production values. Als je een drankspel speelt waarbij je elke keer dat de boom mic in beeld komt een slok moet nemen ga je DOOD. Het oogt allemaal cheap en brak, maar dat heeft dan één bijkomend voordeel; de film voelt zo ietsje meer sleazy. En dat maakte het weer interessant eigenlijk.
Dolemite zelf is een van de grotere eikels waar het op hoofdpersonen in deze lijst aankomt. Een agressieve pooier die alles doet voor zijn reputatie, niet het beste rolmodel dus. Als hij uit de bak komt na een tijd onterecht opgesloten te zijn moet dit heerschap zijn pimperium weer opnieuw opbouwen en de aanwezige concurrentie en corrupte agenten zien te vermijden. Het lijkt wel een GTA plot. Wat ik tijdens het kijken niet wist was dat de acteur zelf, Rudy Ray Moore, oorspronkelijk actief was als komiek en het Dolemite personage al enkele jaren daarvoor in zijn act gebruikte. Dat verklaart in ieder geval de twee veel te lange komisch bedoelde monologen van hem in de film, inclusief kazige achtergrondmuziek.
Bij het kijken bedacht ik me trouwens ook “waar heb ik dit nou toch eerder gezien?”. Uiteindelijk bleek het te komen door die ene videoclip van Old Dirty Bastard, die vol zit met videobeelden uit de film. En blijkbaar houdt de impact van Dolemite op pop culture daar niet op, de film heeft zelfs een cultstatus bereikt. Na een eerste kijkbeurt lijkt dat niet super terecht te zijn, but what do I know. Nou vooruit, het trainen van een leger kung-fu prostituees is dan wel weer een buiging waard, dat zie je niet elke dag buiten mijn huis om.
Oh, en ook nog een geek-alert! In de Deep Space 9 aflevering ‘Dramatis Personae’ wordt regelmatig gerefereerd naar een stofje met een wel heel erg typische naam. Tee-hee!
“I’m gonna let ‘em know that Dolemite is back on the scene! I’m gonna let ‘em know that Dolemite is my name, and fuckin’ up motha fuckas is my game!”
Black Dynamite (2009)

Een goede genreparodie maken is blijkbaar vrij tricky, gezien het lage aantal écht grappige films met deze insteek. Het in 2009 verschenen Black Dynamite hoort wat mij betreft ergens aan de top, samen met de Franse ‘OSS 117′ films (die de jaren ’60 Bond films heerlijk op de hak nemen). Michael Jai White schreef deels de film en verzorgt ook de hoofdrol als bad-ass ex-CIA bikkel en allround ladiesman. Zijn personage is Shaft, Truck Turner en Dolemite in één, die op het spoor komt van een criminele samenzwering wanneer zijn broer wordt vermoord. Oh ja, en hij is meester in kung-fu.
De film slaagt helemaal in het neerzetten van die onbetaalbare 70′s sfeer, en al die herkenbare blaxploitation elementjes zitten er hier ook in, met een dikke knipoog. Dat maakt Black Dynamite zo leuk om te kijken als je wat bekender bent geworden met het genre. De humor zit ‘m in veel verschillende zaken, van woordgrappen en expres crappy productiewaarden tot meer geniepige hilariteit als een acteur die al zijn dialoog opleest inclusief zijn acteer-pointers uit het script. Wanneer Dynamite vraagt “Lemme speak to the man in charge” is zijn reactie “Sarcastically, I’m in charge”. Dit, dames en heren, is geniaal comedy-schrijfwerk wat de eerste kijkbeurt misschien niet zo opvalt en je later pas helemaal krom laat liggen. Lovin’ it.
Er zijn ook onbedoelde foutjes expres in de film gelaten, zoals een auto vol baddies die aan komt rijden waarbij de inzittenden uitstappen en op onze hoofdpersoon gaan schieten. Het blijkt dat de auto niet op de handrem is gezet en deze rolt nog door tot een van de aanvallers paniekerig ingrijpt. Wat onder normale omstandigheden een mislukte take zou zijn is er nu gewoon ingelaten. Funny stuff.
De cast is leuk, met Michael Jai White als overtuigende actieheld en tegelijkertijd is zijn expres bedoelde slechte acteren erg aanstekelijk. Gaaf ook om Kevin Chapman, de baddie uit Brotherhood, weer in iets te zien. De film is uiteindelijk niet non-stop hilarisch, maar een hele mooie mix van eerbetoon en draak-steken-met. Een prima manier om de reis door Blaxploitation-land mee te beeindigen. Can you dig it?
“Ain’t nothin’ in the world get Black Dynamite more mad than some jive ass sucka dealin’ smack to the kids!”










