0

Finisterrae (2010)

“Lopen twee spoken over de Camino de Santiago…”

Klinkt dit al bekend? Het zou het begin kunnen zijn van een flauwe mop. In dit geval echter is het, in een notendop, het plot van de Spaanse film Finisterrae, die dit jaar in de prijzen viel op het internationale film festival in Rotterdam. Het gegeven is inderdaad intrigerend; twee spoken zijn het moe in limbo rond te… euh, spoken, en besluiten de beroemde pelgrimsroute naar Santiago de Compostella te lopen, op weg naar Finisterre (letterlijk, het einde van de wereld), zodat ze van daar een reis door het land van de levenden kunnen maken.

 

 

Klinkt dit al bizar? Picture this: 80 minuten beeldmateriaal van twee mensen die met witte, overigens steeds viezer wordende, lakens over hun hoofd rondlopen. En alsof dat nog niet vervreemdend genoeg is, loopt er één continu rond met een rood-witte windvaan, en is de ander dan wel te paard, dan wel te rolstoel, dan wel te mechanisch speelgoedpaard. De vlakke Russische dialoog is bijzonder spaarzaam en beperkt zich veelal tot (zeer) korte zinnetjes als “Wat is dat?”, “Ja”, “Wat is er?”.

 

 

Klinkt dit al pretentieus? Normaal gesproken zou ik misschien ook niet het geduld opbrengen voor dit soort film, maar toch kon ik mijn ogen niet van het scherm afhouden. Want waar de film er misschien niet in slaagt een duidelijk verhaal over te brengen (voor zover dit überhaupt de bedoeling is van de schrijver), is de cinematografie adembenemend. We volgens onze twee schimmige protagonisten door woest Spanje, door velden, bossen waar oren aan de bomen groeien, en over bergen. De film heeft zijn bizarre interludes (een willekeurige ontmoeting met een valkyrie-achtige hippie die luidkeels aria’s over de vlakte staat te schetteren, of een split screen spook striptease als afleiding), maar is voornamelijk een road movie door bijzonder mooi vastgelegde landschappen. Waar de film echt tot leven komt zijn de scènes waar plots muziek wordt toegevoegd. Dit levert onvergetelijke momenten op zoals een spook wat door kniehoge sneeuw galoppeert op een rockende achtergrond van Suicide’s “Ghost Rider”, of het einde waar de camera door een groot landhuis zweeft op een Cantata van Bach, terwijl een groot mannetjesrendier statig door de kamers stapt.

 

 

Klinkt dit al vervreemdend? Opvallend is het veelvuldig gebruik van dieren in de film. Uilen, reeën, rendieren, paarden, en kikkers worden prachtig en respectvol op film vastgelegd, al dan niet in hun natuurlijke leefomgeving. Is dit een film met een driedubbele bodem of gewoon een prent met volslagen ontoegankelijk surrealisme? Ik gok op het laatste. Toch weet de prettige afwisseling van scènes, de soms gortdroge, surrealistische humor (een vergelijking met de visuele humor van Monty Python And The Holy Grail ligt voor de hand), en de geweldige cinematografie te voorkomen dat de film zich oersaai uitstrekt. Alhoewel op het oog misschien volslagen ontoegankelijk, slaagt deze film er voor mijn gevoel in over te brengen dat het zichzelf niet al te serieus neemt. Sommige dingen moet je gewoon nemen zoals ze komen.

 

YouTube voorvertoningsafbeelding

avatar geschreven door op 2 mei 2011

Reageer

Anti-Spam vraag :