0

Swans – To Be Kind (2014)

swanstobekind1
Aardig. Dat is doorgaans de hoogst mogelijke kwalificatie van het eindresultaat van bands die na pakweg twintig jaar weer een studio van binnen bestuderen in de hoop oude magie te hervinden. To Be Kind, de titel van het nieuwe Swans album, lijkt alvast te anticiperen op kwaadaardige recensenten (wees aardig?). Want de afgelopen jaren zagen we genoeg voorbeelden van zulke ‘heuglijke’ reünie-momentjes. Pixies, Soundgarden, Smashing Pumpkins. Vul het rijtje maar aan. Ook Swans laat na de fraaie [cheese on] zwanenzang [cheese off] The Great Annihilator niet veel meer van zich horen. Bandleden gaan weg, frontman Gira stort zich op solo-projecten en Swans lijkt een gesloten boek. Tot in 2010 de fans worden verrast met het overrompelende My Father Will Guide Me Up a Rope To The Sky op zijn eigen label, Young God Records. Na een succesvolle tour, kickstarter / crowdfunding campagnes voor een nieuw album heeft Gira de smaak te pakken. Er volgt een dubbelaar The Seer, die nóg beter is en nu is er To Be Kind, een dubbele langspeelplaat in de meest letterlijke zin des woords met twee uur speellengte.

Agressief kabbelend lava

Het moge duidelijk zijn, Swans zijn nooit kort van stof geweest. Liedjes laveren gemakshalve tussen acceptabele popsongs van een paar minuutjes en half uur durende noise-mantras. Op To Be Kind tikt het kortste liedje een dikke vijf minuten. In het geval Swans is dat niet erg, hun muziek kenmerkt zich vaak door een traag opbouwend noisetapijt. Een tapijt dat ergens als een vulkaan ontploft, ontaardt in kabbelende lavastroompjes van lawaaierige gitaren en kerkbellen, om daarna plotsklaps op hemelse wijze weer samen te komen in een broeierig meertje. Zoiets. En al deze elementen komen, net als op de overdonderende voorganger The Seer, hier ook weer prachtig samen. Een hoekig basloopje  in combinatie met een dwars drumloopje zet meteen de toon voor To Be Kind op Screen Shot.  Pas na dik anderhalve minuut besluit Gira dat het intro lang genoeg heeft geduurd en het tijd is voor wat zang. Maar, zoals op Nathaly Neal, kan de meditatieve kakafonie ook best pas na drie minuten worden onderbroken om plaats te maken voor het startsein.

Razende paarden en akelige mantras

Voor wie nog twijfelde, To Be Kind staat weer garant voor een flink aantal traag opbouwende sferische noise werkstukken vol explosieve agressie en angst zoals alleen Swans dat kunnen. Al wisselt Gira de avontuurlijk georchestreerde onheilspellende gruis van stukken als She Loves Us kundig af met wat vlottere opbouwwerkzaamheden, zoals A Little God In My Hands dat volgepropt lijkt met ondersteunde trompetten, dwarse gitaarloopjes, synthesizergeweld en catchy meezingkoortjes.  Het sleutelstuk, Toussaint l’Ouverture, duurt 34 lange dreigende minuten ditmaal en zit vol soepele hoekige ritmes waar Gira zijn mantras over gromt, razende gitaren die zelfs een paar heuse paarden wegjagen en daarna een angstaanjagende Sonic Youth-achtige achtervolging inzetten. Het voelt als de soundtrack van een onheilspellende horrorfilm.

Songpaleis vol gruis

Swans leveren met To Be Kind wederom een imposant paleis van noise gebouwd op een stevig songfundament. Of Swans nu werkelijk zo ‘aardig’ zijn voor ons als luisteraar, daar mag je je gezien het auditieve geweld dat over ons wordt uitgestort, je vraagtekens bij stellen. Bovendien, met songs die allemaal zo lang duren is het ook nog eens lastig om de songs te vatten en komen de eerdere twee albums wel iets meer divers over. Maar ook al is To Be Kind verre van aardig voor luisteraars, de dubbelaar is tegelijk ook verre van onaardig en voldoet het nog steeds aan de hoge lat waar Gira zijn werk doorgaans aan meet.

avatar geschreven door op 16 september 2014

Reageer

Anti-Spam vraag :